zondag 21 oktober 2012

Opzoek naar het geheim

Het begint dat ik vlug in een gezelschap zit waarin mijn oom ook zit. Mijn oom verteldt mij "als je het geheim van jouw moeder wilt weten moet je in het oude pand (1) gaan zoeken, maar kijk uit, er zijn er meer naar op zoek en het pand betreden is verboden!". Ik ga opzoek naar het oude pand dat in Rotterdam-Zuid ligt. Ik zie inderdaad dat er andere mensen op onderzoek uit zijn gegaan. Er schijnt namelijk een verband te zijn tussen mijn moeder en mijn oom, zij delen samen een heel groot geheim dat nooit aan het licht mag komen. Ik kom het pand binnen en vind een kamer vol met papieren. In een kastje liggen enveloppen vol met brieven en kladjes. Opeens vind ik een envelop met kladjes in het handschrift van mijn moeder. Ik hoor dat de anderen er aan komen en stop de envelop gauw onder mijn trui en ren weg. Even verderop loop ik nonchalant verder en hoor twee mensen tegen elkaar zeggen 'maar goed dat ze niet in de vrouwenkamer gaan kijken' De ander zegt 'Nee inderdaad zeg!'. Dit nodigd mij uit om om het pand heen te lopen en weer naar binnen te gaan opzoek naar de vrouwenkamer. Al gauw heb ik het gevonden en vind een stapel doktersrecepten. Uit de kladjes en de recepten maak ik uit dat mijn moeder en mijn oom samen in de oorlog (2) valse recepten hebben uitgeschreven om zo veel geld te verdienen (3). Met de envelop en het verhaal in mijn hoofd ga ik terug naar huis, waar een verjaardag aan de gang is. Daar zit mijn oom. Ik draai mij naar m'n zus en vraag haar "he? Hij is toch al jaren dood?"  "Ja" zegt mijn zus  "ik weet het ook niet!" Ik kijk mijn oom argwanend aan en telepatisch geeft hij mij door dat hij nu rust heeft gevonden nu iemand het geheim weet. Hij kan nu rustig heen gaan. Ik vraag hem hoe ik er voor kan zorgen dat hij verder kan. Hij zegt dat hij moet gaan zoals hij hier gekomen is. Ik moet hem inrollen in handdoek. Het  is een groen met rode handdoek. In het hele huis zoek ik naar de bewuste handdoek. Uiteindelijk vind ik deze in de linnenkast en leg deze uit op bed. Mijn oom gaat er op liggen en ik rol hem in. Binnen enkele seconden is hij verdwenen. Hij heeft zijn rust eindelijk gevonden.

(1) Het oude pand kan refereren aan de leegstaande panden die in brand werden gestoken in Winschoten. Maar het kan ook verband houden met aanwijzing 2.
(2) Dat ik over het verleden, in dit geval de oorlog, droom komt doordat ik gisteravond een stukje in de Quest zat te lezen dat over het Anne Frank huis ging.
(3) Gister avond was er een item op het nieuws dat er zo veel medicijnen werden vernietigd terwijl ze nog goed waren. Er wordt door artsen meer uitgeschreven dan mensen nodig hebben. De fabrikanten verdienen hier aan. In mijn droom waren mijn moeder en mijn oom op de illegale markt bezig.