Geen droom, waargebeurd
Piet Paulusma zegt dat het
vrijdag mooi weer gaat worden. Goede weersvoorspellingen zijn in onze buurt een
goede reden om weer eens een bbq te gaan houden. Bij een bbq hoort natuurlijk
vlees en inmiddels wordt er ook van mij verwacht dat ik gamba's ga marineren.
Om niet te duur uit te zijn besluit ik mijn boodschappen bij de Lidl te gaan
halen. Aangezien het vandaag ook al een prachtige dag is besluit ik voor de
verandering eens te gaan lopen naar deze supermarkt. Normaal gesproken loop ik
niet graag die kant op omdat het er nog al vol staat met hangjeugd. Vorig jaar
heeft de politie er echter voor gezorgd dat het daar niet meer mag. Als de
politie ze ziet worden ze weg gestuurd. Dit vind ik een dermate geruststellende
gedachte dat ik besluit deze wandeling te gaan wagen. Ik probeer deze reis
mindfull af te leggen; gewaar zijn van wat je voelt (de heerlijke warmte van de
zon, een verkoelend briesje op je huid), wat je ruikt (de lavendel in de
plantenbakken, de schone was die over de balkons hangen te drogen, een verse
drol die de hond van de man die vlak voor mij het zijstraatje in loopt zojuist
heeft neergelegd) en wat je hoort (een krekel? Verrek, een krekel, geeft me
gelijk zo'n vakantiegevoel! De eendjes in de sloot, de auto's die voorbij
razen, een rammelende fiets, kinderen die vanaf hun balkon contact proberen te
maken met kinderen in de flat er tegenover).
Ik geniet van deze tocht tot
ik aan het einde van het paadje een man zie staan. Een man van het caliber 'ik
ben eigenlijk veel te oud voor je maar in mijn wereld kan alles en wordt ik
door alle vrouwen sexy gevonden (denkt hij) dus als je straks dichterbij komt
zal ik het niet na laten om wat tegen je te zeggen'. Als ik verder kijk zie ik
aan de overkant van de straat precies zo'n zelfde type man staan. Ik vermoed
dat ze bij elkaar horen. In gedachte fantaseer ik dat ze allebei een oortje in
hebben en elkaar toespreken ''Straks komt er een meisje in een rode broek, die
moet je checken!" Of een minder vrolijke fantasie "Dat meisje in die
rode broek gaan we straks pakken, ze loopt alleen, is mager ofwel makkelijk
prooi. We pakken haar handtas, meppen d'r op de grond en gaan er dan
vandoor." Tot mijn grote opluchting
zie ik dat er een vrouw met een grote gespierde hond mijn paadje op komt. Wij
vrouwen steunen elkaar geloof ik, als die gasten mij iets aan doen dan stuurt
zij haar hond op hun af. Waarschijnlijk heeft die bewuste vrouw ondanks haar
hond zelf ook niet zo'n trek in deze overzelfverzekerde mannen, want ze steekt
abrupt de straat over. Oke Arank, you can do this. Door mijn RayBan zonnebril
ziet toch niemand waar ik naar kijk, dus ik doe of ik ze niet zie terwijl ik ze
nauwlettend in de gaten hou. Ik heb het inmiddels tot een kunst verheven om
mijn nieuwsgierige aard te verbergen door ogenschijnlijk recht voor me uit te
kijken terwijl mijn oogbollen achter mijn spiegelende glazen yoga-achtige
capriolen uithalen om de uiterste hoeken te kunnen zien. Met grootst mogelijke
nonchalance (waarschijnlijk te overduidelijk, maar voor mijn gevoel ben ik
Xena) loop ik voorbij Macho nummer 1. Mijn Yoga-ogen zien achter hem nog een
hele groep andere met testosteron gevulde dekhengsten van een jongere
generatie. Gauw voorbij lopen, ik ben fantastisch, way over their league. Een
flinke opluchting ontsnapt in mijn hersenpan als de mannen zich niet om mij
lijken te bekommeren en vrolijk in hun door mij onverstaanbare taaltje
doorbabbelen. Misschien hebben ze het wel over mij maar dan versta ik het niet
(Of doe ik mijzelf hiermee toch te veel eer aan).
En dan heb ik mijn bestemming
bereikt. De grote blauwe schuifdeuren gaan speciaal voor mij open, Welkom
Aranka, wat fijn dat je er weer bent! Ik pak een winkelmandje en loop recht op
mijn bestemming af, de bakken met actieproducten straal negerend. Het is me al
gelukt om niet in de verleiding te komen toch nog even de Action in te duiken,
dus de schappen met nutteloze producten die toevallig heel goedkoop zijn kan ik
ook aan! De vakkenvullers werken door alsof er niemand aanwezig is, klanten zijn
bijzaak, maar ik stoor me er niet aan. Ik heb mijn gamba's. Een oude vrouw duwt
haar rollator nog net even voor mij in de rij voor de kassa, maar ik stoor me
er niet aan, ik kijk nu al uit naar de heerlijk geurende marinade voor de
gamba's die ik straks ga maken. Ik heb wel besloten om mijn route voor de
terugweg anders af te leggen. In plaats van langs de flats ga ik nu door de
woonwijk aan de overkant. Oke, het is gigantisch omlopen maar punt één wil ik
niet weer langs die gasten lopen en punt twee is een andere route ook wel eens
leuk.
Met mijn boodschappentas vol
lekkernijen steek ik de straat over om de woonwijk in te lopen. Achter mij hoor
ik het groepje dekhengsten luidfluits fietfieuwen. Is dat voor mij, hebben ze
door dat ik nu anders loop? Waarschijnlijk doe ik mezelf wéér teveel eer aan.
Het fluitconcert negerend vervolg ik mijn weg. Ik kom eigenlijk nooit in deze
buurt, ik heb er ook eigenlijk niks te zoeken. Onze oude werkster woont daar
maar ik kom haar niet tegen. Ik sla de hoek om en zie twee jonge knullen die
druk in een Arabische taal met elkaar in gesprek zijn. Een schattig meisje met
een staartje bovenop haar hoofd, ik gok het zusje van een van de jongens, zit
klaarblijkelijk om een praatje verlegen. ''Heb je een hond?'' Vraagt het meisje
met een brede glimlach die een groot gapend gat verraadt op de plek waar een
voortand hoort te zitten. Ik lach naar haar terug en antwoord "Nee."
"Heb je dan een kat?" Nu ben ik in tweestrijd. Ja ik heb een kat, wel
drie zelfs. Maar dit meisje heeft al laten merken dat ze van een gezellig potje
kletsen houdt, en ik zit met een zak vol vlees dat met deze temperaturen
dringend de koelkast in moet. Ik loop tenslotte al om. Om te voorkomen dat ik
over een half uur nogsteeds met dit meisje een uitvoerig gesprek aan het houden
ben besluit ik te liegen. "Nee."
Het meisje is duidelijk teleurgesteld in mijn antwoorden. Ik loop verder
en denk bij mezelf 'dat arme kind zit misschien heel de avond te wachten tot
iemand haar aandacht geeft en ik denk alleen maar aan mezelf.' Moet ik mijzelf
nu in de categorie contactgestoord inschalen? Ik ben dus zo'n type Nederlander
dat meer met zichtzelf bezig is dan met de medemens. Ik haal m'n schouders op,
nou en, en sla de volgende hoek om.
Wat ik net heb proberen te
vermijden doet zich nog een generatie jonger dunnetjes voor. Een groepje
jongens in en om een auto, waarschijnlijk net oud genoeg om er in te mogen
rijden (Of ze hebben bij papa gesmeekt of ze alsjeblieft de sleutel mochten
hebben want dat staat zo stoer), zien duidelijk een oudere dame (oh jee, dit
klinkt nu echt alsof ik in de zestig ben. Ik ben 28, maar duidelijk ouder dan
hun!) ook wel zitten. "Zo zie je dat meisje?" Kan je het nog harder
zeggen? Ze verstaan je in Groningen denk ik net niet. "Hey lekker ding,
fietfieuw" De fietfieuws zijn
populair vanavond. Ik trek een wenkbrauw op, maar besef me dat ze dat met deze
kolos van een zonnebril niet zullen zien. Ik vraag me werkelijk af wat voor
reactie deze mannen verwachten. Denken ze nou echt dat vrouwen hier weke knieën
van krijgen? Dat we een heel
slakkenspoor leggen hun kant op en zeggen 'oh Don Juan, ik heb je lokroep
gehoord en hier ben ik dan!' Of hopen ze juist dat je ze disst zodat ze kunnen
roepen "Hey hoer!'' Blijkbaar weten ze niet wat ze met mijn ietwat uitlachende
gezichtsuitdrukking aan moeten en het is dan ook snel stil aan de overkant.
Weer een straat verder zie ik dat er een bus opgestart wordt door de ANWB. Op
de bus staat 'Plantenbeurs De Wilg'. Is het niet raar om je planten beurs naar
een boom te vernoemen? Lijkt mij hetzelfde als 'Bomenbeurs De Hortensia'. De
dikke zwarte rookpluim die uit de uitlaat van de bus ontsnapt doet mij uit mijn
gedachten ontwaken. Bijna thuis aangekomen besef ik dat je met iets simpels als
boodschappen doen een hele hoop kunt meemaken, dat jij de regiseur bent van wat
er in je hoofd afspeelt en dat je hier (naar mijn mening uiteraard) best een
leuk verhaal over kunt schrijven. Zie hier het resultaat.
En nu gauw de gamba's
marineren!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten